Interview met de band ‘Eut’ (Broedplaats Lizzy) door de Volkskrant

31/10/2018

vreemde cocktail van losse stijlen die perfect samenkomen

De band Eut gaat lekker en bewijst: er komt prima muziek van de popacademies. Alleen, hoe bouw je een band met vreemden?

 

Vanaf links: Jim Geurts, Tessa Raadman, Sergio Escoda, Emiel de Nennie en Megan de Klerk. Beeld Renate Beense

Dat wordt nog lastig als die internationale doorbraak straks een feit is, want Engelsen, Duitsers en de meeste andere buitenlanders kunnen de Nederlandse ‘eu’ niet uitspreken. Dat zal dus wel ‘oet’ en ‘oit’ worden, maar Eut heet toch echt Eut: het rijmt op ‘neut’ en het betekent niets. Het was een liefkozend, zelfverzonnen scheldwoord onder de bandleden: ga weg joh, eut.

Eut werd de naam van hun band (die een aanstekelijk soort indiepop maakt, maar daarover later meer), in 2016 ontstaan aan de popopleiding van het Conservatorium van Amsterdam. Verschillende leden zaten daarvoor al op een andere popschool, de Herman Brood Academie in Utrecht.

Zangeres Megan de Klerk wilde een ‘afstudeerband’ formeren om haar liedjes mee uit te werken en van het een kwam het ander. Met de eerste single, Supplies (2017), schoot Eut voortvarender uit de startblokken dan ze hadden durven dromen: gedraaid op 3FM, deelname aan de Popronde, een clubtourneetje en bijna zestig festivalboekingen in de eerste echte Eut-zomer. Allemaal op basis van twee, drie, en uiteindelijk vijf singles. Het is maar goed dat ze inmiddels allemaal zijn afgestudeerd.

Nu is debuutalbum Fool for the Vibes verschenen. Het wordt donderdag officieel ten doop gehouden in Paradiso Noord in Amsterdam, maar voordat de Nederlandse clubtournee echt kan beginnen (eind november), staan optredens in Hamburg en Berlijn geboekt, in het land van ‘oit’. Ook over de grens wordt hij al in de gaten gehouden, die Nederlandse band met de rare naam die zo pontificaal, rood op wit, op de albumhoes prijkt. Hoe spreken ­Spanjaarden Eut eigenlijk uit? Ze zullen het in april 2019 wel ontdekken, op het SanSan Festival in Benicàssim. U ­begrijpt: het rolt, het beweegt.

We zijn op bezoek in Amsterdam-West, thuis bij gitarist Emiel de Nennie. Zangeres en frontvrouw Megan de Klerk zit naast hem. Ze zijn jong, eind twintig, exponenten van de ­generatie die leuke dingen ‘sick’ of ‘chill’ vindt. Zoals spelen in het ­Patronaat in Haarlem of de V11 in ­Rotterdam en een volle bak aantreffen. ­Gevraagd worden om het voorprogramma van Beck te doen. Op Noorderslag spelen. Behoorlijk ‘sick’, al blijven ze natuurlijk Nederlanders en volgt de zelfrelativering snel.

‘Er zijn ook avonden dat we heel weinig mensen trekken hoor’, zegt De Nennie. ‘In Breda zeiden ze na afloop tegen ons: jullie zijn ook wel een typische ‘Randstadband’. Ik weet niet precies wat dat inhoudt en ook niet hoe we kunnen ophouden het te zijn, maar goed. Ik kom van origine uit Middelburg, trouwens.’

Daar, in Middelburg, speelt De Nennie vanaf zijn 14de in punkbands. Hij houdt ook van Britpop, zoals Blur: puntige, compacte op riffs en hooks geënte rocksongs. Aan het conservatorium leert hij Megan de Klerk kennen, die een veel poppier smaak heeft (‘als meisje vond ik Christina Aguilera en Britney Spears geweldig, en nog steeds, maar ik houd nu ook van bijvoorbeeld St. Vincent’), net als de gitarist (Tessa Raadman) die De Klerk al eerder leerde kennen. Met De Nennie lijkt ze muzikaal weinig raakvlakken te hebben, maar toch is er een klik: hij wil haar graag helpen. Hij kent een drummer (Jim Geurts). Bassist Sergio Escoda completeert de groep. ‘We kenden elkaar nauwelijks’, zegt De Klerk. ‘Muzikaal gelijkgestemd zijn we ook al niet. Het is best vreemd dat het werkt. Maar het werkt.’

‘Als punkjongen ben je geneigd een band op te richten met andere punkjongens’, zegt De Nennie. ‘Ik zou de mensen uit deze band normaal gesproken niet benaderd hebben of zelfs maar zijn tegengekomen.’ Dát is dus het leuke van die popopleiding: je leert per definitie muzikanten ­kennen buiten je comfortzone en smaakbubbel. Je bent tot elkaar ­veroordeeld.

‘We werden ingedeeld in bands’, zegt De Nennie, ‘en kregen een bepaald genre toegewezen waarin we iets moesten maken. Dat kan dus een genre zijn dat je echt totaal niet ligt. Ik heb daar geen andere smaak van gekregen, maar je leert wel muzikale mechanismen begrijpen die je vervolgens weer kunt toepassen op je eigen band.’

De Klerk: ‘Vooral als je al in een ­eigen band speelt, word je daar heel snel beter en veelzijdiger van. Je leert ondertussen ook over praktische ­zaken. Waar moet je op letten als je met een platenmaatschappij praat? Welke afspraken moet je maken met een boeker?’

Ze noemen docent Flip van der ­Enden, veteraan uit muziekindustrie en muziekmedia, als lichtend voorbeeld. Hij was het die en passant de aanduiding postpop verzon voor wat Eut produceerde. Klinkt goed, dachten ze. Die houden we erin.

Er zijn zelfs liedjes op Fool for the ­Vibes die rechtstreeks resultaat zijn van een schoolopdracht, zegt De Klerk: ‘Ik schrijf meestal over ervaringen uit mijn eigen leven, maar op school kregen we de opdracht een fictief liedje te schrijven vanuit een personage.’ Dat werd Tygo Dex, een naam als een superheld, maar: ‘I’m a mess/ that likes to dress/ like a ballerina.’

Zo kristalliseerde zich het muzikale idioom van Eut uit: de speelse, poppy songideeën van De Klerk, de rock­injectie van De Nennie, de voorliefde voor jarentachtigpop en synthesizers van bassist Escoda, die ook erg van de ‘rare maatsoorten en ritmische gein­tjes’ uit de progrock houdt. Alleen naar de roots- en americanaliefde van drummer Jim Geurts (bands als Wilco) is het ver zoeken, maar zijn ­enthousiasme over de dancerock van Soulwax en LCD Soundsystem ­ontwaar je weer wel.

In de sound van Eut komen al die dingen samen, maar het belangrijkste en ongrijpbaarste is daarmee nog niet benoemd: het zijn de slimme ­melodieuze wendingen en acceleraties die Eut zo catchy en bij vlagen ­onweerstaanbaar maken. En: Megan de Klerk heeft ‘het’ als frontvrouw. Dat helpt ook.

‘Het is een vreemde cocktail’, zegt De Nennie, ‘maar ik geloof wel dat we een geluid hebben gevonden dat echt van ons is.

‘Ik probeer met ervaringen uit mijn leven iets verrassends te doen: van een heftige gebeurtenis een klein, luchtig liedje maken. Iets onbeduidends groot maken. Van een mug een olifant maken, of andersom. In mijn muzikale manier van denken wil ik altijd een beetje kinderachtig blijven. Ik geloof dat dat de essentie van Eut is.’

Het album Fool for the Vibes is ­verschenen.  Tournee vanaf 29/11. 

Bron: de Volkskrant